Persoonsgebonden en gedeeld gebruik

## Wat speelt hier Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) zoals veiligheidsschoenen, gehoorbescherming, ademhalingsbescherming, valbeveiliging en handschoenen worden op veel werkplekken zowel persoonsgebonden als gedeeld uitgegeven. Persoonsgebonden PBM, zoals gehoormallen, veiligheidsbrillen op maat of ademhalingsmaskers, zijn afgestemd op één gebruiker en mogen niet zomaar worden doorgegeven. Gedeeld gebruik komt voor bij bijvoorbeeld valharnassen in een poolsysteem, gasdetectoren die per dienst worden uitgegeven, of gehoorkappen die in een gereedschapskist blijven liggen voor wie de ruimte betreedt. Het risico ontstaat wanneer niet duidelijk is wie welk middel gebruikt, in welke staat het verkeert en of het nog past bij de gebruiker. Gedeelde middelen kunnen hygiënisch risico worden (bijvoorbeeld bij gehoorbescherming of adembescherming die van gezicht naar gezicht gaat), maar ook technisch onveilig: een harnas dat door meerdere personen wordt gebruikt zonder vaste inspectiecyclus, of een ademluchtmasker dat niet meer aansluit bij het gezicht van de volgende drager. Bij persoonsgebonden middelen ligt het risico vooral in het ontbreken van uitgifteregistratie, waardoor niet aantoonbaar is wie wat draagt en wanneer vervanging nodig is. Dit speelt met name bij ploegendiensten, uitzendkrachten, seizoenswerk en locaties waar meerdere bedrijven tegelijk werken. Zonder duidelijke afspraken over eigendom, reiniging en vervanging ontstaat het risico dat medewerkers geen of verkeerd PBM dragen, of middelen gebruiken die niet meer aan de norm voldoen. ## Wat u moet doen - Beoordeel eerst of het risico dat PBM moet afdekken ook bij de bron kan worden weggenomen of verminderd, zodat minder PBM nodig is. - Bepaal per taak en per PBM-soort of persoonsgebonden of gedeeld gebruik passend is, op basis van hygiëne, pasvorm en het type gevaar. - Richt een uitgiftesysteem in waarin per medewerker wordt vastgelegd welk PBM is verstrekt, in welke maat en vanaf welke datum. - Richt voor gedeelde middelen een uitleen- en retourregistratie in, inclusief een vaste opslag- en reinigingsplek. - Stel een onderhouds- en vervangingsschema op per PBM-type, met keuringstermijnen voor middelen die een periodieke controle nodig hebben. - Instrueer leidinggevenden en medewerkers over correct gebruik, draagplicht, reiniging en het melden van beschadigingen. - Controleer periodiek op de werkvloer of het juiste PBM daadwerkelijk wordt gedragen en of gedeelde middelen schoon en compleet retour komen. - Neem ingeleend personeel, uitzendkrachten en derden expliciet op in de uitgifte- en instructieprocedure. ## Toetsbare aspecten - **Uitgifteregistratie persoonsgebonden PBM** — per medewerker is vastgelegd welk middel, welke maat en welke uitgiftedatum. Bewijs: uitgiftelijst of digitaal PBM-register. Frequentie: bij indiensttreding en bij elke vervanging. - **Uitleenregistratie gedeeld PBM** — vastgelegd wie wanneer welk gedeeld middel heeft gebruikt. Bewijs: uitleenlogboek of uitgiftesysteem bij de opslaglocatie. Frequentie: bij elk gebruik. - **Koppeling PBM aan risico-inventarisatie** — per taak is aangegeven welk PBM verplicht is en waarom. Bewijs: risico-inventarisatie en -evaluatie met PBM-overzicht per functie of taak. Frequentie: bij actualisatie van de RI&E. - **Instructie en onderricht** — medewerkers hebben instructie ontvangen over gebruik, pasvorm en reiniging van hun PBM. Bewijs: instructieformulier of trainingsregistratie met datum en handtekening. Frequentie: bij start en bij wijziging van PBM-type. - **Keuringsstatus PBM met keuringsplicht** — middelen zoals valbeveiliging en ademlucht zijn zichtbaar gekeurd en binnen termijn. Bewijs: keuringssticker of keuringscertificaat per middel. Frequentie: volgens vastgestelde keuringsinterval, minimaal jaarlijks. - **Reinigings- en hygiëneprocedure gedeeld gebruik** — vastgelegde afspraak over reiniging tussen gebruikers, zichtbaar toegepast op de werkplek. Bewijs: reinigingsinstructie en gecontroleerde reinigingslogboek. Frequentie: na elk gebruik of volgens vaste cyclus. - **Vervangingsbeleid** — criteria voor afkeuren en vervangen van versleten of beschadigd PBM zijn vastgelegd en toegepast. Bewijs: vervangingsregister of afkeurregistratie. Frequentie: doorlopend, met periodieke steekproef. - **Betrokkenheid ingeleend personeel en derden** — uitzendkrachten en onderaannemers zijn opgenomen in de uitgifte- en instructieprocedure. Bewijs: uitgiftebewijs of instructieformulier op naam van de ingeleende medewerker. Frequentie: bij elke inzet. - **Naleving op de werkvloer** — dragen van het juiste PBM is waarneembaar tijdens de uitvoering van de taak. Bewijs: observatieverslag van een werkplekcontrole of toolboxverslag. Frequentie: minimaal ieder kwartaal. ## Veelvoorkomende knelpunten - Op papier staat een uitgifteprocedure beschreven, maar op de werkvloer wordt PBM informeel doorgegeven zonder registratie. - Keuringsstickers op valbeveiliging of ademluchtapparatuur zijn verlopen of ontbreken, terwijl het materiaal nog in gebruik is. - Leidinggevenden zijn niet geïnstrueerd over welk PBM bij welke taak verplicht is, waardoor correctie op de werkvloer uitblijft. - Uitzendkrachten en onderaannemers krijgen PBM uitgeleend zonder dat dit wordt vastgelegd, waardoor zij buiten het uitgifteoverzicht blijven. - Gedeelde middelen worden niet gereinigd tussen gebruikers, terwijl de procedure dit wel voorschrijft. - Afkeur van versleten PBM gebeurt op gevoel, zonder vastgelegde criteria of registratie, waardoor niet meer te reconstrueren is wanneer iets is vervangen. ## Hoe u het borgt De leidinggevende van de afdeling of locatie is verantwoordelijk voor de dagelijkse controle op correct gebruik en actuele uitgifte, terwijl een aangewezen PBM-coördinator of preventiemedewerker de registraties, keuringstermijnen en instructiedossiers periodiek controleert. Nieuwe medewerkers en ingeleend personeel worden bij de start van hun werkzaamheden opgenomen in het uitgifte- en instructieproces, zodat zij nooit onbekend blijven bij het systeem. Werkplekcontroles en steekproeven op het dragen en de staat van PBM worden minimaal ieder kwartaal uitgevoerd en de bevindingen worden teruggekoppeld in het werkoverleg, zodat afwijkingen direct leiden tot bijsturing van instructie, vervanging of aanscherping van de procedure. Zo blijft persoonsgebonden en gedeeld gebruik van beschermingsmiddelen structureel op orde en op elk moment aantoonbaar.

Risico's