Opslag van afvalstoffen

## Wat speelt hier Opslag van afvalstoffen komt op vrijwel elke werkplek voor: van de rolcontainer met bedrijfsafval en de verzamelplek voor verpakkingsmateriaal tot de opslag van gevaarlijk afval zoals oliehoudend afval, batterijen, chemicaliën, verfresten of afgewerkte oliën. Ook grond, baggerspecie of demontagemateriaal dat tijdelijk wordt opgeslagen in afwachting van afvoer valt hieronder. Kenmerkend is dat afvalstoffen vaak van diverse aard zijn, van verschillende afdelingen of aanbieders komen, en niet altijd vooraf bekend is wat er precies wordt aangeboden. Het risico zit in de combinatie van stoffen die niet bij elkaar horen, onduidelijke verantwoordelijkheid voor het beheer van de opslagplek, en het ontbreken van heldere afspraken over wat wel en niet mag worden aangeboden. Denk aan brand- of reactiegevaar bij het samen opslaan van onverenigbare afvalstromen, bodem- of waterverontreiniging door lekkage, en gezondheidsrisico's voor medewerkers die met afval in aanraking komen zonder dat de aard van de stof bekend is. Ook het onverwacht aanbieden van afwijkende of gevaarlijke afvalstoffen, zoals een gedemonteerde gasfles of een niet-schoongemaakte tank, vormt een risico als daar geen procedure voor is. Bij bedrijven die zelf afvalstoffen opslaan, scheiden, samenpersen of mengen (bijvoorbeeld in de bouw, metaal, chemie of groothandel) is dit een structureel onderdeel van het proces. Bij anderen gaat het om een tijdelijke, ondersteunende activiteit naast de kernactiviteit. In beide gevallen moet de organisatie weten welke afvalstromen ontstaan of worden ontvangen en hoe deze veilig worden opgeslagen tot afvoer. ## Wat u moet doen - Breng in kaart welke afvalstromen op de locatie ontstaan of worden aangeboden, inclusief gevaarlijke en afwijkende afvalstoffen. - Richt een aparte, afgeschermde opslagplek in voor gevaarlijk of onverenigbaar afval, gescheiden van reguliere afvalstromen en van werkplekken. - Zorg voor lekbakken, ventilatie en brandpreventieve voorzieningen op plekken waar dat nodig is, afgestemd op de aard van het afval. - Leg vast welke afvalstoffen niet op de locatie mogen worden geaccepteerd en wat medewerkers moeten doen als dit toch gebeurt. - Wijs een verantwoordelijke aan voor beheer van de opslagplek en instrueer betrokken medewerkers over herkenning, scheiding en veilige opslag van afvalstoffen. - Voorzie in persoonlijke beschermingsmiddelen voor medewerkers die afval sorteren of hanteren, als bron- en organisatorische maatregelen het risico niet volledig wegnemen. - Controleer periodiek of de opslag nog voldoet aan de gestelde inrichting en of afvoer tijdig plaatsvindt. ## Toetsbare aspecten - **Overzicht afvalstromen** — een actueel overzicht van welke afvalstoffen op de locatie ontstaan of worden aangeboden, inclusief gevaarlijke afvalstoffen. Bewijs: schriftelijk overzicht of afvalregistratie. Frequentie: jaarlijks actualiseren. - **Inrichting opslagplek** — een fysiek herkenbare, afgeschermde opslagplek voor gevaarlijk of onverenigbaar afval, gescheiden van overig afval. Bewijs: waarneming op locatie, plattegrond of situatietekening. Frequentie: bij inspectieronde en bij wijziging van het proces. - **Lekbakken en opvangvoorzieningen** — aanwezigheid van lekbakken of vloeistofdichte voorzieningen bij vloeibaar of oliehoudend afval. Bewijs: waarneming op locatie. Frequentie: periodieke controle, minimaal jaarlijks. - **Procedure afwijkende afvalstoffen** — een vastgelegde werkwijze voor het geval afvalstoffen worden aangeboden die niet passen binnen de reguliere opslag. Bewijs: schriftelijke procedure of instructie. Frequentie: beoordelen bij wijziging van acceptatiebeleid. - **Instructie medewerkers** — medewerkers die met afvalopslag te maken hebben, kunnen aangeven hoe zij afvalstoffen scheiden en welke stoffen niet worden geaccepteerd. Bewijs: instructieverslag of toolboxregistratie met presentielijst. Frequentie: bij indiensttreding en periodiek herhalen. - **Verantwoordelijke voor beheer** — een aangewezen persoon of functie die verantwoordelijk is voor het toezicht op de opslagplek. Bewijs: functieomschrijving of organisatieschema. Frequentie: actueel houden bij personeelswisseling. - **Registratie afvoer** — afvoerbonnen of begeleidingsdocumenten waaruit blijkt dat afvalstoffen tijdig en via een erkende verwerker worden afgevoerd. Bewijs: afvoerbonnen of administratie. Frequentie: doorlopend bijhouden, steekproefsgewijs controleren. - **Persoonlijke beschermingsmiddelen** — beschikbaarheid en gebruik van geschikte PBM bij het hanteren van afvalstoffen. Bewijs: waarneming op locatie en uitgiftelijst PBM. Frequentie: bij inspectieronde. - **Periodieke controle opslag** — een vastgelegde controle of de opslagplek nog voldoet aan de gestelde inrichting en of hoeveelheden niet oplopen. Bewijs: controlelijst of logboek. Frequentie: minimaal per kwartaal. ## Veelvoorkomende knelpunten - Op papier is een opslagplek voor gevaarlijk afval aangewezen, maar in de praktijk staan diverse afvalstromen door elkaar opgeslagen. - Er is geen registratie van wat er wordt aangeleverd, waardoor niet te herleiden is welke afvalstoffen wanneer zijn binnengekomen of afgevoerd. - Leidinggevenden zijn niet getraind in het herkennen van afwijkende of gevaarlijke afvalstoffen en weten niet hoe te handelen bij twijfel. - Ingeleend personeel of onderaannemers die afval aanbieden of afvoeren, worden niet meegenomen in instructies over acceptatie en scheiding. - Geconstateerde afwijkingen, zoals een lekkende opslagbak of overvolle container, worden niet structureel opgevolgd of hersteld. - Afvoerbonnen ontbreken of worden niet bewaard, waardoor niet aantoonbaar is dat afval via een juiste weg is afgevoerd. ## Hoe u het borgt De aangewezen beheerder van de opslagplek controleert periodiek of de inrichting, scheiding en hoeveelheden nog kloppen, en meldt afwijkingen direct aan de verantwoordelijke leidinggevende. Instructies over afvalopslag worden herhaald bij wijzigingen in het afvalpakket en meegenomen in de introductie van nieuwe medewerkers, uitzendkrachten en onderaannemers die met afval te maken krijgen. Bevindingen uit controles en incidenten worden vastgelegd en gebruikt om de procedure en de fysieke inrichting waar nodig bij te sturen, zodat de opslag van afvalstoffen structureel op orde blijft.

Risico's