Algemene vereisten inzake de mondelinge mededeling

## Wat speelt hier Mondelinge mededeling is de aanvullende of vervangende vorm van veiligheids- en gezondheidssignalering waarbij een boodschap gesproken wordt overgebracht, in plaats van of naast een bord, geluidssignaal, lichtsignaal of handgebaar. Dit komt in de praktijk voor bij het begeleiden van hijs- en heiwerkzaamheden, bij het aansturen van verkeer op een bouwplaats of terrein, bij werk in besloten ruimten waar een wacht buiten contact houdt met degene die binnen werkt, bij ontruimingen en calamiteiten, en bij kortdurende of onvoorziene situaties waarbij een vast bord of signaal niet tijdig kan worden aangebracht. Het risico dat hier speelt is dat een boodschap niet, te laat of verkeerd aankomt. Denk aan een chauffeur die een instructie van een verkeersregelaar niet verstaat door lawaai, een collega die een waarschuwing mist omdat hij een andere taal spreekt, of een noodmelding die niet als noodmelding wordt herkend omdat er geen vaste signaalwoorden worden gebruikt. Vooral op locaties met wisselende samenstelling van personeel, meertalige teams, ingeleend personeel en onderaannemers is dit een reëel knelpunt: mensen kennen elkaars werkwijze niet en interpreteren een mondelinge boodschap verschillend. Waar mondelinge mededeling wordt ingezet als vervanging van een technisch of visueel signaal, is de betrouwbaarheid lager: de boodschap is afhankelijk van menselijk handelen op het moment zelf, in tegenstelling tot een vast aangebracht bord of een automatisch signaal dat er altijd is. Dat maakt heldere afspraken over wanneer, hoe en door wie een mondelinge mededeling wordt gegeven des te belangrijker. ## Wat u moet doen - Beperk situaties waarin uitsluitend op mondelinge mededeling wordt vertrouwd; kies waar mogelijk eerst voor een vast bord, signaal of technische voorziening en gebruik de mondelinge mededeling als aanvulling. - Leg vast in welke situaties mondelinge mededeling is toegestaan of vereist, bijvoorbeeld bij verkeersregeling, hijswerk, werk in besloten ruimten of noodsituaties. - Bepaal en documenteer welke vaste signaalwoorden of korte, eenduidige boodschappen worden gebruikt, zodat iedereen dezelfde taal hanteert. - Zorg dat de mededeling kort, eenvoudig en ondubbelzinnig is en dat de boodschap aansluit bij de taal die alle betrokkenen begrijpen. - Instrueer leidinggevenden en uitvoerenden expliciet over wanneer en hoe zij een mondelinge mededeling geven en hoe zij controleren of de boodschap is begrepen. - Neem ingeleend personeel, onderaannemers en bezoekers mee in deze instructie, ook als zij maar kort op de locatie zijn. - Controleer periodiek in de praktijk of mededelingen daadwerkelijk worden gebruikt zoals afgesproken en of ze aantoonbaar aankomen bij de ontvanger. - Stel een vaste vervolgstap vast voor wanneer een mondelinge mededeling niet is begrepen of niet aankomt, zodat het werk pas doorgaat na bevestiging. ## Toetsbare aspecten - **Beleid mondelinge mededeling** — vastgelegd is in welke situaties mondelinge mededeling wordt gebruikt en wanneer dit niet volstaat. Bewijs: instructie of werkprocedure. Frequentie: jaarlijkse toetsing of bij wijziging van werkzaamheden. - **Vaste signaalwoorden** — er is een lijst van korte, eenduidige boodschappen of codewoorden die op de locatie worden gebruikt. Bewijs: overzicht signaalwoorden, opgenomen in werkinstructie of toolboxmateriaal. Frequentie: jaarlijkse actualisatie. - **Taalbeheersing betrokkenen** — bekend is welke talen op de werkplek worden gesproken en of de gekozen mededelingen voor iedereen begrijpelijk zijn. Bewijs: overzicht van teamsamenstelling of taalinventarisatie. Frequentie: bij samenstelling van een nieuw team of project. - **Instructie leidinggevenden** — leidinggevenden en toezichthouders zijn aantoonbaar geïnstrueerd over het correct geven van mondelinge mededelingen. Bewijs: instructieverslag of aftekenlijst. Frequentie: bij indiensttreding en jaarlijks herhaald. - **Instructie uitvoerenden** — medewerkers die mondelinge mededelingen ontvangen of geven, weten wat de vaste boodschappen betekenen. Bewijs: toolboxverslag of instructieregistratie met namen. Frequentie: bij start van werkzaamheden en periodiek herhaald. - **Werkplekobservatie** — in de praktijk wordt daadwerkelijk gebruikgemaakt van de afgesproken mededelingen, bijvoorbeeld bij verkeersregeling of hijswerk. Bewijs: observatieverslag of interne controle. Frequentie: steekproefsgewijs, minimaal jaarlijks. - **Bevestiging van ontvangst** — is vastgelegd hoe wordt gecontroleerd dat een mededeling is begrepen voordat het werk doorgaat. Bewijs: procedure of werkinstructie met terugkoppelmoment. Frequentie: bij elke toepassing, getoetst via periodieke controle. - **Betrokkenheid derden** — ingeleend personeel en onderaannemers zijn aantoonbaar geïnformeerd over de gebruikte signaalwoorden en werkwijze. Bewijs: introductieformulier of inleeninstructie. Frequentie: bij elke nieuwe inzet. - **Opvolging van afwijkingen** — geconstateerde misverstanden of gemiste mededelingen zijn geregistreerd en er is opvolging gegeven. Bewijs: incident- of afwijkingsregistratie met genomen maatregel. Frequentie: doorlopend, geëvalueerd bij periodieke controle. ## Veelvoorkomende knelpunten - Er bestaat een instructie op papier, maar op de werkvloer gebruikt iedereen zijn eigen woorden in plaats van de afgesproken signaalwoorden. - Er is geen registratie van wie is geïnstrueerd, waardoor niet aantoonbaar is dat nieuwe medewerkers de afspraken kennen. - Leidinggevenden zijn niet getraind in het geven van heldere mondelinge instructies en vallen terug op onduidelijke of te lange boodschappen. - Ingeleend personeel en onderaannemers worden niet meegenomen in de instructie en blijven daardoor buiten beeld bij controles. - Signaalwoorden zijn niet afgestemd op de taal van alle aanwezigen, waardoor een deel van het team de boodschap niet begrijpt. - Geconstateerde misverstanden worden niet vastgelegd of opgevolgd, waardoor dezelfde situatie zich blijft herhalen. ## Hoe u het borgt De leidinggevende op locatie bewaakt dagelijks of mondelinge mededelingen op de afgesproken manier worden gegeven en begrepen, en meldt afwijkingen aan de arboverantwoordelijke binnen de organisatie. Periodiek, minimaal jaarlijks en bij elke wijziging van werkzaamheden of samenstelling van het team, wordt de instructie geactualiseerd en opnieuw gegeven, waarbij nieuwe medewerkers, ingeleend personeel en onderaannemers standaard onderdeel zijn van de introductie op locatie. Vastgestelde afwijkingen worden besproken in het periodiek overleg en leiden tot een concrete bijstelling van de werkinstructie of extra instructie aan betrokkenen. Zo blijft de mondelinge mededeling een betrouwbaar en aantoonbaar onderdeel van de veiligheids- en gezondheidssignalering op de werkplek.

Risico's