Specifieke opslag: gasflessen

## Wat speelt hier Gasflessen komen op vrijwel elke werkplek voor waar gelast, gesoldeerd, verwarmd, gekoeld of laboratoriumwerk verricht wordt: propaan en acetyleen op de bouwplaats, zuurstof en argon in de lasloods, kooldioxide bij de horeca-tap, stikstof en helium in laboratoria. De inhoud staat onder hoge druk en is vaak brandbaar, oxiderend of verstikkend, waardoor een gasfles zowel een explosiegevaar als een verstikkingsgevaar of chemisch risico met zich meebrengt. Een fles die omvalt, oververhit raakt of waarvan de afsluiter beschadigd raakt, kan in korte tijd een ernstig incident veroorzaken. Het risico zit niet alleen in de opslaghoeveelheid, maar ook in de manier van hanteren en de plek van opslag. Flessen die binnen staan zonder ventilatie, te dicht bij een vluchtroute, zonder scheiding tussen brandbare en oxiderende gassen, of zonder zekering tegen omvallen, vormen een structureel risico dat vaak pas opvalt na een incident of tijdens een controle. Ook transport binnen het bedrijf, tijdelijke opslag op de werkplek en het gebruik van lege versus volle flessen zijn situaties waar het misgaat als er geen vaste werkwijze is. ## Wat u moet doen - Breng in kaart welke gassen, in welke hoeveelheden en op welke locaties aanwezig zijn, inclusief tijdelijke opslag op projectlocaties. - Kies en richt een vaste opslaglocatie in die buiten, geventileerd of gescheiden van bewoonde/werkruimten ligt, met voldoende afstand tot ontstekingsbronnen. - Scheid brandbare gassen fysiek van oxiderende gassen en houd lege flessen gescheiden van volle flessen. - Zorg voor deugdelijke zekering tegen omvallen, met flessenrekken, kettingen of steunen, en bescherm afsluiters met kappen. - Beperk de opslaghoeveelheid per locatie en leg vast welke maximale hoeveelheden per gassoort zijn toegestaan. - Stel schriftelijke instructies op voor hanteren, transport en wisselen van flessen, en instrueer alle medewerkers en ingeleend personeel die hiermee werken. - Zorg voor passende persoonlijke beschermingsmiddelen zoals veiligheidsschoenen en handschoenen bij het verplaatsen van flessen, als aanvulling op de organisatorische maatregelen. - Controleer periodiek de opslag, de staat van de flessen en de naleving van instructies, en leg deze controles vast. ## Toetsbare aspecten - **Overzicht aanwezige gasflessen** — een actueel overzicht van alle gassoorten, aantallen en locaties is aanwezig. Bewijs: register of voorraadlijst gasflessen. Frequentie: elk kwartaal bijgewerkt. - **Inrichting opslaglocatie** — de opslag bevindt zich op een vaste, geventileerde plek buiten de directe werkomgeving. Bewijs: plattegrond of foto van de opslaglocatie. Frequentie: bij wijziging en jaarlijks gecontroleerd. - **Scheiding gassoorten** — brandbare en oxiderende gassen staan fysiek gescheiden opgeslagen, lege en volle flessen apart. Bewijs: waarneming op locatie, vastgelegd in inspectieverslag. Frequentie: bij elke werkplekcontrole. - **Zekering tegen omvallen** — alle flessen staan vast in een rek, ketting of steun, ook tijdens tijdelijk gebruik op de werkplek. Bewijs: foto's of checklist werkplekinspectie. Frequentie: maandelijks. - **Afsluiterbescherming** — flessen die niet in gebruik zijn hebben een beschermkap over de afsluiter. Bewijs: waarneming tijdens rondgang. Frequentie: maandelijks. - **Maximale opslaghoeveelheid** — de aanwezige hoeveelheid per locatie blijft binnen de vastgestelde grens. Bewijs: voorraadregistratie vergeleken met vastgestelde norm. Frequentie: per kwartaal. - **Instructie medewerkers** — medewerkers en ingeleend personeel die met gasflessen werken hebben een instructie ontvangen over hanteren, transport en wisselen. Bewijs: instructieformulier of trainingsregister met namen en datum. Frequentie: bij indiensttreding en jaarlijks herhaald. - **Periodieke controle opslag** — er is een vaste controle op staat van flessen, opslaglocatie en naleving van instructies. Bewijs: ingevulde inspectiechecklist met datum en handtekening. Frequentie: minimaal per kwartaal. - **Opvolging afwijkingen** — geconstateerde afwijkingen zijn vastgelegd met een concrete actie en afhandeldatum. Bewijs: actielijst of verbeterregister. Frequentie: bij elke controle bijgewerkt. ## Veelvoorkomende knelpunten - De instructie staat op papier, maar op de werkvloer worden flessen los tegen een muur of voertuig gezet zonder zekering. - Controles op de opslag worden mondeling gedaan maar niet vastgelegd, waardoor er bij een audit geen bewijs is. - Leidinggevenden en toolboxverantwoordelijken zijn niet getraind in het herkennen van onjuiste opslag of beschadigde flessen. - Ingeleend personeel en onderaannemers die eigen gasflessen meenemen naar de locatie blijven buiten het overzicht en de instructie van de opdrachtgever. - Tijdelijke opslag op projectlocaties wordt niet meegenomen in de vaste inspectieroutine, waardoor afwijkingen langer onopgemerkt blijven. - Geconstateerde gebreken, zoals ontbrekende afsluiterkappen, worden genoteerd maar niet structureel opgevolgd. ## Hoe u het borgt Wijs een verantwoordelijke aan, bijvoorbeeld een preventiemedewerker of veiligheidscoördinator, die de opslag van gasflessen periodiek controleert en de bevindingen vastlegt in een vast format. Neem deze controle op in de reguliere werkplekinspectie zodat afwijkingen niet op zichzelf staan maar structureel worden gevolgd, met een korte terugkoppeling naar leidinggevenden en een actielijst voor opvolging. Neem de instructie over gasflessen op in de inwerkprocedure van nieuwe medewerkers en in de afspraken met onderaannemers en uitzendkrachten, zodat ook derden vóór aanvang van het werk weten waar en hoe gasflessen mogen worden opgeslagen en gehanteerd. Zo blijft de opslag van gasflessen niet afhankelijk van losse afspraken, maar is deze aantoonbaar en herhaalbaar geborgd in de dagelijkse praktijk.

Risico's