Nadere voorschriften – Aanvullende registratie

## Wat speelt hier Op locaties waar gevaarlijke stoffen worden opgeslagen of gebruikt, ontstaat al snel een gat tussen wat er daadwerkelijk aanwezig is en wat er op papier staat. Denk aan een magazijn met vaten oplosmiddel en reinigingsmiddelen, een werkplaats met spuitbussen en verf, of een technische ruimte met kleine hoeveelheden brandbare vloeistoffen die "even" naast de opslagkast staan omdat ze dagelijks nodig zijn. Zonder een actueel en kloppend overzicht weet niemand precies welke stoffen, in welke hoeveelheid en met welke ADR-klasse, ergens in het pand aanwezig zijn. Dat is een risico op meerdere fronten. Bij een calamiteit moet hulpverlenend personeel direct kunnen zien met welke stoffen zij te maken hebben. Bij dagelijks gebruik moet duidelijk zijn welke hoeveelheid als werkvoorraad buiten de eigenlijke opslagvoorziening mag staan, en welke niet. En bij onderhoud van veiligheidsvoorzieningen — blusmiddelen, brandbeveiligingssystemen — moet aantoonbaar zijn dat controles daadwerkelijk hebben plaatsgevonden. Ontbreekt die registratie, dan is niet alleen de administratie op orde onduidelijk, maar ook de feitelijke veiligheid van medewerkers en hulpdiensten. ## Wat u moet doen - Inventariseer welke gevaarlijke stoffen op de locatie aanwezig zijn, inclusief ADR-klasse en hoeveelheid, en breng de opslag terug tot wat werkelijk nodig is. - Richt een aparte, daarvoor bestemde opslagvoorziening in voor stoffen die niet tot de werkvoorraad behoren. - Bepaal per stof of proces of een werkvoorraad noodzakelijk is en leg die onderbouwing schriftelijk vast. - Stel een ingangscontroleprocedure op voor de ontvangst van gevaarlijke stoffen, zodat afwijkingen direct worden opgemerkt. - Zorg voor een actueel stoffenregister gekoppeld aan de bijbehorende veiligheidsinformatiebladen. - Leg onderhoud van blusmiddelen en brandbeveiligingsvoorzieningen vast in een onderhoudsregister. - Instrueer leidinggevenden en medewerkers over de registratieplicht, de werkvoorraadgrenzen en hun eigen rol daarin. - Controleer periodiek of de registratie overeenkomt met de feitelijke situatie op de werkvloer. ## Toetsbare aspecten - **Stoffenregister** — actuele lijst van aanwezige gevaarlijke stoffen met ADR-klasse en hoeveelheid. Bewijs: register of voorraadlijst, gekoppeld aan veiligheidsinformatiebladen. Frequentie: bij elke mutatie, minimaal jaarlijks gecontroleerd. - **Werkvoorraad-motivering** — schriftelijke onderbouwing waarom een hoeveelheid buiten de opslagvoorziening noodzakelijk is. Bewijs: vastgelegde motivering per locatie of proces. Frequentie: bij wijziging van assortiment of werkwijze. - **Ingangscontroleprocedure** — vastgelegde werkwijze voor controle bij ontvangst van gevaarlijke stoffen. Bewijs: procedurebeschrijving en ingevulde controleformulieren. Frequentie: bij elke levering. - **Onderhoudsregistratie blusmiddelen** — bewijs van periodieke controle van draagbare blustoestellen. Bewijs: onderhoudslabel en onderhoudsregister. Frequentie: jaarlijks. - **Periodieke inspectie brandbeveiligingssysteem** — uitgangspuntendocument en inspectierapport aanwezig en actueel. Bewijs: document en inspectiecertificaat. Frequentie: meerjarig, volgens vastgesteld schema. - **Koppeling veiligheidsinformatiebladen** — actueel blad per opgeslagen stof beschikbaar en vindbaar. Bewijs: fysieke of digitale VIB-verzameling. Frequentie: bij ontvangst nieuwe stof, jaarlijkse actualisatie. - **Scheiding en aanduiding opslag** — opslaglocatie herkenbaar en gemarkeerd conform stofgroep. Bewijs: waarneming op de werkplek en plattegrond van de opslag. Frequentie: doorlopend, periodiek gecontroleerd. - **Instructie medewerkers** — betrokken medewerkers zijn geïnstrueerd over registratie en werkvoorraadgrenzen. Bewijs: instructieverslag met namen en datum. Frequentie: bij indiensttreding en periodiek herhaald. - **Opvolging afwijkingen** — verschillen tussen register en praktijk worden vastgelegd en afgehandeld. Bewijs: actielijst met status en afhandeldatum. Frequentie: bij elke controle. ## Veelvoorkomende knelpunten - Het register bestaat op papier, maar komt niet overeen met de werkelijke voorraad op de werkvloer. - Werkvoorraad wordt niet onderbouwd, waardoor in feite sprake is van reguliere opslag zonder de bijbehorende voorzieningen. - Ingangscontrole gebeurt informeel, zonder dat dit ergens wordt vastgelegd. - Leidinggevenden zijn onvoldoende getraind om afwijkingen tussen registratie en praktijk te herkennen. - Ingeleend personeel en onderaannemers brengen eigen gevaarlijke stoffen mee die buiten het register blijven. - Onderhoud van blusmiddelen wordt uitbesteed, maar het bewijs daarvan wordt niet gearchiveerd of opgevolgd. ## Hoe u het borgt De coördinator gevaarlijke stoffen of preventiemedewerker bewaakt dat het register actueel blijft en dat afwijkingen worden opgevolgd, met een periodieke controle die aansluit op de leveringsfrequentie en minimaal jaarlijks een volledige toets van register tegen praktijk omvat. Nieuwe medewerkers en derden worden bij aanvang van hun werkzaamheden meegenomen in de instructie over registratie en werkvoorraad, zodat ook zij weten wat wel en niet buiten de opslagvoorziening mag staan. Zo blijft de registratie een levend instrument dat de feitelijke situatie op de werkvloer weerspiegelt in plaats van een formaliteit die los staat van de praktijk.

Risico's